Spiersparende heupprothese

De heupprothese geplaatst tussen de spieren door.

“De Sportheup”

 

Spiersparende heupprothese

Algemene informatie 

Spiersparende heupprothese

Er worden geen spieren doorgenomen!

 

U wenst een spiersparende heupprothese te laten plaatsen? Dit is een grote stap, en vergt een hele inspanning en revalidatie. Toch zijn de meeste mensen zeer tevreden na dergelijke ingreep. Veel hangt af van de informatie die u als patiënt op voorhand verkregen heeft.
Daarom doen dr. Ghijselings en zijn team hun uiterste best u maximaal te ondersteunen bij uw beslissing.

Een (spiersparende) heupprothese is aangewezen wanneer de pijnklachten afkomstig van de heup niet meer onder controle raken met andere maatregelen zoals aanpassingen van de levensstijl, pijnstillende medicatie of infiltraties.
De meeste frequente reden tot het plaatsen van een heupprothese is artrose (coxartrose). Hierbij is de kraakbeenlaag al dan niet volledig aangetast.

Andere frequente redenen zijn onder andere avasculaire van de heup, reuma of heupdysplasie)

Doorsnede door de heup

Bij de direct anterieure (spiersparende) benadering wordt gebruikt gemaakt van een natuurlijk interval tussen de spieren aan de voorzijde van de heup om de heupprothese te plaatsen. Het litteken ligt eerder aan de voorzijde van het been in plaats van aan de zijkant (laterale benadering) of ter hoogte van de bil (posterieure benadering).

Oppervlakkig loopt het interval tussen de Tensor fascia lata en de Sartorius spier. In de diepte ligt het tussen de bilspieren (gluteï) en de rectus femoris.

Omdat er bij een anterieure benadering geen spieren worden doorgesneden verloopt de initiële revalidatie vlotter. Het is vaak mogelijk om de dag van de ingreep reeds in de kamer rond te stappen. Krukken kunnen sneller achterwege gelaten worden. De duur van de hospitalisatie kan ook worden verminderd naar 3 tot 4 dagen.

Een ander voordeel is dat de kans op ontwrichting (luxatie) van de prothese zeer gering is. De patiënt ligt tijdens de operatie op de rug waardoor het gemakkelijk is om de beenlengte te controleren en waardoor grote verschillen zeldzaam zijn.

Gezien er aan de spieren getrokken wordt tijdens deze ingreep kan er soms wat pijn optreden in het hele bovenbeen de eerste dagen na de ingreep (vooral bij mannen). Dit verdwijnt spontaan. Tijdelijke pijnstilling en ijsapplicaties zijn dan aangewezen.

De nervus cutaneus femoris lateralis is een huidzenuw die dicht in de buurt van de incisie loopt. Vaak zal er na de operatie een zone aan de zijkant van het bovenbeen “dof” aanvoelen. Gelukkig verdwijnt deze dofheid meestal spontaan. In zeldzame gevallen kan dit aanleiding geven tot een pijnlijk gevoel bij aanraking van de huid (Meralgia Paresthetica).

In principe kan een anterieure benadering bij elke patiënt worden uitgevoerd. In sommige gevallen kan soms een andere benaderingsweg worden voorgesteld. Zo wordt de toegang bemoeilijkt bij revisie-operaties, een afwijkende anatomie, voorgaande operaties, bepaalde huidaandoeningen of oudere littekens.

Soorten heupprothese

Er zijn een aantal verschillende soorten heupprotheses:

  • De totale heupprothese: hierbij wordt zowel het acetabulum (pan) als de femurkop vervangen. De acetabulaire component wordt de “cup” genoemd. De kop van de prothese is gefixeerd om een steel die vast zit in het bovenbeen (femur). Dit is veruit het meest geplaatste type prothese.
  • De bipolaire heupprothese: het acetabulum wordt hierbij niet vervangen. Dit type prothese is voorbehouden voor patiënten op hoge leeftijd die een femurhalsfractuur oplopen.

Gebruikte materialen

 

Naargelang verschillende factoren wordt gebruik gemaakt van een scala aan materialen.

Naargelang uw botkwaliteit kan de totale heupprothese volledig cementloos geplaatst worden. In dat geval is het uw eigen lichaam dat voor de ingroei en stabiliteit van de prothese zorgt.
In de praktijk wordt bij een eerste heupoperatie de cup van de prothese nagenoeg altijd zonder cement gefixeerd. Een dergelijke cup is ruw en groeit daarom makkelijk in het bot. Zo nodig kunnen extra schroeven de initiële stabiliteit verhogen. Indien uw botkwaliteit onvoldoende is, bijvoorbeeld door ouderdom, osteoporose of langdurige ziekte, kiest dr. Ghijselings voor een gecementeerde prothesesteel. Hiermee is langdurige fixatie verzekerd!

Cup in keramiek

Cup in keramiek

Keramiek voor medisch gebruik is zeer slijtage resistent. De kopjes van de heupprotheses zijn steeds uit dit materiaal vervaardigd. De binnenzijde van de heupkom kan hier ook mee bedekt worden. Dit geniet de voorkeur bij patiënten jonger dan 50 jaar.

Cup in keramiek

Polyethyleen is een hard soort plastic. De binnenzijde van de heuppan kan hiermee bedekt worden. Dit type materiaal geniet de voorkeur bij patiënten ouden dan 60 jaar.

Spiersparende heupprothese

Hospitalisatie 

Voor de opname

Preoperatieve raadpleging

Alvorens een operatie gepland kan worden dienen een aantal voorbereidingen getroffen te worden:

  • Peroperatieve raadpleging bij de anesthesist: ter bespreking van het type verdoving, nazicht van de thuismedicatie. Vaak dient een ECG en bloedname te gebeuren. Eventuele bijkomende onderzoeken kunnen nodig zijn zoals vb. een cardiologisch nazicht.
  • Maandelijks worden er informatiesessie georganiseerd waarbij de hele procedure en revalidatie overlopen worden door het hele team van artsen, verpleegkundigen, kinesisten en ergotherapeuten. De planning van deze informatie sessies kan u hier terugvinden. Wij raden alle patiënten ten zeerste aan deze sessies bij te wonen.
  • Preoperatieve templating radiografie : een bijkomende RX met speciale marker wordt voor de ingreep uitgevoerd om de prothese digitaal te kunnen inplannen.
  • In geval van tandproblemen is het aangewezen deze te laten behandelen voor de operatie. Bij dergelijke ingrepen is er een risico dat er bacteriën zich via de bloedbaan op een prothese kunnen vasthechten.
  • Volg een infosessie!

Voor de operatie

Anesthesie

De ingreep kan gebeuren via een algemene verdoving of via een spinale anesthesie (ruggenprik). Dit kan u bespreken met uw chirurg en anesthesist.
Voor bijkomende pijnstilling na de ingreep wordt gebruikt gemaakt van lokale anesthetica (Fascia iliaca blok of lokale infiltratie na de ingreep).

Operatiedag

U komt eerst in een voorbereidingsruimte waar een infuus wordt geplaatst. In de operatiezaal zorgt de anesthesist voor de verdoving. Voor uw veiligheid blijft hij tijdens de hele ingreep in de operatiezaal om alle nodige controles uitvoeren.
De ingreep zelf duurt ongeveer 1 tot 1.5u. Nadien verblijft u ongeveer een tweetal uur op de ontwaakruimte.

Wanneer u terug op de kamer bent zal een kinesist langskomen en de eerste oefeningen met u doorlopen. Aanvankelijk gebeuren de oefeningen in bed, maar indien u zich goed voelt kan u reeds de eerste stappen zetten binnen uw kamer.

Waar ligt de incisie?

Klassieke incisie

Bikini-incisie

Naargelang de voorkeur van arts en patiënt kan de spiersparende heupprothese ook geplaatst worden via een “bikini-incisie.”

Spiersparende heupprothese

Terug thuis 

Verzorging

Revalidatie

De revalidatie thuis gebeurt onder begeleiding van de kinesist. In het voorschrift vindt u specifieke richtlijnen terug betreffende mobilisatie, steunname en uw revalidatie in het algemeen.
Meestal dient u gedurende een paar weken krukken te gebruiken om het been te ontlasten en om het valrisico te beperken.

Een controle-afspraak met radiografie wordt voorzien 6 weken na de operatie.

Medicatie
  • Ter preventie van bloedklonters in het been (diepe veneuze thrombose) wordt er bloedverdunnende medicatie voorgeschreven. Dit kan onder de vorm van dagelijkse injecties in de buik (door de thuisverpleegkundige), maar meestal wordt gebruik gemaakt van medicatie in orale vorm (Xarelto ™). U dient deze gedurende 30 dagen in te nemen.
  • Na een operatie kunnen er soms calcificaties ontstaan in de spieren. Om dit te voorkomende dient u gedurende 2 weken een ontstekingsremmer te nemen. Dit steeds bij de maaltijd en te stoppen indien u maaglast zou krijgen.
  • Verder dient u er rekening mee te houden dat pijnstillers de eeste weken na een heupprothese nog noodzakelijk kunnen zijn. Neem deze voldoende zodat u goed de oefeningen kan blijven doen.
Steunkousen

Standaard worden er geen steunkousen voorgeschreven na de ingreep. Enkel indien u een voorgeschiedenis heeft van thromboses of een hoog risico hiervoor heeft, zullen deze worden voorgeschreven. Het is normaal dat u na de operatie wat zwelling van het been kan hebben. Door te bewegen wordt dit overtollige vocht opnieuw uit het been weggepompt.

Thuiszorg
  • Bij ontslag komt er een transparante pleister over de wonde. Deze is waterafstotend en dient niet vervangen te worden. Indien deze toch zou loskomen kan een thuisverpleegkundige deze komen vervangen. De wonde dient u na 2 weken bij de huisarts te laten controleren. De hechting is van resorbeerbaar materiaal en enkel de lusjes aan de uiteindes dienen afgeknipt te worden.
  • Voor hulp bij het wassen en/of aankleden kan een thuisverpleegkundige worden ingeschakeld. Laat tijdens uw opname aan de zaalarts weten of u hier nood aan heeft.

Spiersparende heupprothese

Complicaties 

Alarmtekens postoperatief:

Indien u na ontslag één van onderstaand symptomen vertoont, dient u onmiddellijk contact op te nemen met de dienst orthopedie van het UZ Leuven.
Contactgegevens:
8u – 17u: Secretariaat Orthopedie 016/33 88 27
17u – 8u: Spoedgevallen: wachtdienst orthopedie: 016/34 39 00

  • Hoge koorts na ontslag uit het ziekenhuis kan wijzen op infectie.
  • Wondlekkage: bij ontslag dient de wonde droog te zijn. Indien deze opnieuw wondvocht zou draineren, kan dit ook een teken zijn van infectie
  • Onmogelijkheid om op het been te steunen: dit kan wijzen op ontwrichting.
  • Plotse verkorting van het been: dit kan wijzen op ontwrichting of fractuur.

 

Laattijdige complicaties:

Zoals bij iedere ingreep zijn er ook risico’s verbonden aan het plaatsen van een spiersparende heupprothese. De kans op complicaties is gelukkig zeer klein. De voornaamste zijn hier samengevat.

  • Infectie van de prothese: in de meeste gevallen is een heroperatie (spoeling of vervangen van de prothese) aangewezen. Tijdens en na de ingreep wordt steeds preventief antibiotica gegeven om dit risico te beperken.
  • Luxatie of ontwrichting: hierbij komt het bolletje uit de kom. Dit kan optreden na een val of bij het uitvoeren van extreme draaibewegingen. Tijdens de opname zal de kinesist met u overlopen welke bewegingen te vermijden zijn. Het risico op luxatie is het grootste de eerste 3 maanden na een operatie.
    Het risico is veel lager bij een spiersparende anterieure benadering.
  • Periprosthetische fractuur: hierbij treedt er een breuk op van het bot rondom de prothese. Indien de prothese nog goed gefixeerd is kan deze behouden worden en wordt het bot gefixeerd. Zo de prothese echter los zit, wordt deze vervangen.

 

Spiersparende heupprothese

Overige vragen

Hoe lang gaat een heupprothese mee?

De meeste protheses gaan 15 tot 20 jaar mee. Studies tonen aan dat de ‘overleving’ van een prothese na 15 jaar 95% is en na 20 jaar 85 – 90%. Dit is afhankelijk van een aantal factoren zoals de leeftijd en het gewicht van de patiënt, het activiteitsniveau of de ernst van de aantasting van de heup voor de operatie.

Slijtage en loslating van een prothese komen steeds minder voor door verbeterde materialen. Periprosthetische fracturen, luxaties en infectie worden wel frequenter met het ouder worden van de populatie.

Sporten?

Sporten is zeker mogelijk na een heupprothese. Wel dient het risico op vallen beperkt te worden gezien dit een gevaar inhoudt voor luxaties en fracturen. Sporten met geringe schokbelasting zoals wandelen, fietsen, golfen of zwemmen zijn aan te raden. Sporten zoals joggen, tennis, skiën, volleybal lukken meestal ook.
Andere (contact)-sporten zijn dan weer af te raden (gevechtssport, voetbal, rugby,…). Bespreek dit steeds met uw arts.

Slapen?

De eerste nacht dient u op de rug te slapen met een kussen tussen de benen. Nadien mag u in principe slapen hoe u dit verkiest. De beste houdingen zijn evenwel op de rug of op de geopereerde zijde. Indien u op de niet geopereerde kant slaapt, is het vaak comfortabeler om een kussen tussen de benen te plaatsen de eerste weken na de ingreep.

Autorijden?

Er zijn geen strikte richtlijnen hierover. Uit voorzorg adviseren we om pas opnieuw auto te rijden vanaf 6 weken na de operatie. Tijdens de controle raadpleging wordt gecontroleerd of u hier al dan niet al toe in staat bent.

Reizen?

De metaaldetectoren in de luchthaven kunnen inderdaad de aanwezigheid van een heupprothese detecteren, wat aanleiding kan geven tot een verdere controle. Er zijn geen specifieke attesten beschikbaar waardoor u officieel kan bewijzen dat het om een prothese gaat.
Bent u van plan het vliegtuig te nemen de eerste maand na het plaatsen van de prothese? Bespreek dit dan zeker met uw arts gezien het risico op een bloedklonter (trombose) hierdoor verhoogd kan zijn. Soms zijn bijkomende maatregelen nodig.

Antibiotica?

Indien u een andere operatie dient te ondergaan is het belangrijk te vermelden dat u een heupprothese heeft. Tijdens bepaalde procedures (vb. tandextractie, gastroscopie) kunnen immers bacteriën in de bloedbaan terecht komen die zich vervolgens vast kunnen zetten op de prothese. Om dit te vermijden dienen antibiotica toegediend te worden. Dit is vooral van belang de eerste 2 jaar na de heupoperatie.

Mondhygiëne en uw heupprothese?

Een goede mondhygiëne voor de operatie is belangrijk om het risico op infectie te verkleinen. Een tandabces kan namelijk bacteriën afgeven via de bloedbaan en tot een infectie van de heupprothese leiden. Laat daarom indien nodig uw tanden bij de tandarts nakijken.
Tips voor een goede mondhygiëne zijn terug te vinden via deze link.